Nog een fragment uit 'Levende dingen gaan dood' van Martin Halfhart.
Als aan de bank genageld bleef hij zitten. Terwijl hij heeft liefst door de ruit van deze kut cafetaria naar buiten wilde springen. Gewoon om te laten zien hoeveel het hem deed.
"Ik vond gewoon dat je het moest weten..." hoorde hij ergens in zijn achterhoofd galmen. Hij kon het niet geloven. Hij plukte als een gek aan zijn broek en hoopte dat hij hem kapot zou plukken. Gewoon om te laten zien hoeveel het hem deed. Het moest kapot. Alles moest kapot. Alles was kapot. Zij had alles godbetert kapot gemaakt.
Stemmen schreeuwden door zijn kop. Beelden brandden op zijn netvlies. Kapot, kapot, kapot, kapot, kapot!
Toen scheeurde hij zich los van de bank, wankelde tussen al de andere bezoekers door richting de deur, smeet die open en rende naar buiten.
Hij rende en bleef rennen tot hij niet meer kon. Tot hij niet meer wist waar hij was. Tot het donker was. Tot zijn gedachten stil stonden. Ze was achter hem aan gekomen, maar had niet de moeite genomen om ook te gaan rennen of om ook maar te schreeuwen. Ze was waarschijnlijk met tranen in haar ogen voor de cafetaria blijven staan en had zich beseft dat ze hem pijn had gedaan. Ze had gezien hoeveel het hem deed.
Uitgeput boog hij zich voorover waardoor het mes dat hij nog steeds bij zich had in zijn dij prikte. Hij haalde het uit zijn zak en bekeek het nog eens goed. Het was een heel normaal mes, maar wel erg groot. Het was het soort mes waarmee ze in van die kookprogramma's op TV de kruiden mee snijden. Iets wat je ook met een veel kleiner mes kan doen. Allejezus, wat haatte hij die programma's. En eigenlijk alleen maar daarom. Hij stopte het mes terug onder zijn riem. Hij liep door een park waar hij nog nooit geweest was. Het was een slecht verlicht park, maar dat deed hem juist goed. Het liefst wilde hij op dit moment onzichtbaar zijn. In het donker zag hij verderop twee hondenbezitters met elkaar keuvelen. Hun twee honden hadden elkaar echter niks te zeggen en snuffelde een beetje dom de bosjes af, op zoek naar een plaats om hun sporen achter te laten.
Op dat moment kreeg hij een idee wat hem misschien zou kunnen afleiden van de pijn in zijn hart. Hij dook de bosjes in en sloop zo stil mogenlijk in de richting van de twee domme honden...
LIKE ONS
maandag 5 december 2005
donderdag 1 december 2005
HALFHART #1
Een fragment uit 'Levende dingen gaan dood' van Martin Halfhart.
Het was zaterdag 12 uur en de bloemen stonden eindelijk op tafel.
"Zuip dan!" schreeuwde hij tegen de roos in het midden van de bos.
Met een plof liet hij zich op de bank vallen en klikte met de afstandsbediening de TV aan.
"Heeft u dit gevoel ook wel eens of kent u mensen die zulke gevoelens hebben? Stuur dan een brief onder vermelding van Dokter Valentijn, naar.." KLIK
Hij kon het niet geloven. Een jaar was er voorbij gegaan en nog steeds had ze niet gereageerd.
Soms had hij de hoop bijna opgegeven, soms had hij bijna genoeg hoop gehad, maar nu was de tijd aangebroken dat hij een knoop doorhakte.
Na een van de diepste zuchten die hij ooit geslaakt had stond hij op. Hij liep naar de keuken. In de keuken opende hij de bestekla. Uit de la pakte hij het grootste mes dat hij kon vinden en bekeek zichzelf in haar reflectie.
Zijn besluit stond vast.
Het was zaterdag 12 uur en de bloemen stonden eindelijk op tafel.
"Zuip dan!" schreeuwde hij tegen de roos in het midden van de bos.
Met een plof liet hij zich op de bank vallen en klikte met de afstandsbediening de TV aan.
"Heeft u dit gevoel ook wel eens of kent u mensen die zulke gevoelens hebben? Stuur dan een brief onder vermelding van Dokter Valentijn, naar.." KLIK
Hij kon het niet geloven. Een jaar was er voorbij gegaan en nog steeds had ze niet gereageerd.
Soms had hij de hoop bijna opgegeven, soms had hij bijna genoeg hoop gehad, maar nu was de tijd aangebroken dat hij een knoop doorhakte.
Na een van de diepste zuchten die hij ooit geslaakt had stond hij op. Hij liep naar de keuken. In de keuken opende hij de bestekla. Uit de la pakte hij het grootste mes dat hij kon vinden en bekeek zichzelf in haar reflectie.
Zijn besluit stond vast.
donderdag 24 november 2005
INTERCITYMENTALE COMMINIMINIE
Vanuit de stad waar Adolf Hitler ooit de woorden "Kaffee" en "Brötchen mit Schinkeln" sprak stuurde de Professius mij een belachelijk goed filmscript. Waarschijnlijk om mij jaloers te maken op zoveel werklust. Ik heb het bij de linksbinnen geplaatst. Daarnaast hier de email waarin ik aan de Professius uitleg wat wij afgelopen vrijdag op de literaire avond te Perdu deden.
woensdag 23 november 2005
SPRAKELOOS
Uit de serie opsommingen/meerkeuzevragen:
Zaken waar ik geen woorden voor heb:
A: ...
B: ...
C: ...
Daarnaast: In mijn laatste vergadering met de Glijmajoor bespraken wij de mogelijkheid om mensen met de achternaam De Vries over te halen hun kind Zorba te noemen. Dit in het kader van het project: Breng wat Bubbelebim in uw leven.
Zaken waar ik geen woorden voor heb:
A: ...
B: ...
C: ...
Daarnaast: In mijn laatste vergadering met de Glijmajoor bespraken wij de mogelijkheid om mensen met de achternaam De Vries over te halen hun kind Zorba te noemen. Dit in het kader van het project: Breng wat Bubbelebim in uw leven.
dinsdag 22 november 2005
UIT DE SERIE
Uit de serie "Mag mijn haantje-de-voorste oproer kraaien in uw kippenhok?"
"Mag ik met mijn zauberflote in uw sprookjesbos fiedelen?"
"Mag ik met mijn zauberflote in uw sprookjesbos fiedelen?"
donderdag 17 november 2005
AANKONTJE
Bart und Ernst doen morgen (VRIJDAG 18 NOVEMBER DUS) weer eens iets geks in Theater Perdu. Te Amsterdam. Er zullen ook nog allerlei dichters eigen werk voordragen.
Marian Boyer (Fantastisch lichaam, Het engelentransport), Vrouwkje Tuinman (Grote acht, Vitrine), Mustapha Ayned (De schaduw van de pijn, zanger en theatermaker van o.a. Taxista, Waf), Cathelijn Schilder (De Eenling), Bart und Ernst (dichtersduo, Nietteraere Avonden Parade 2005), Arthur Wevers (Orgaanvlees.org) en Asis Aynan (Contrast).
Ik kijk speciaal uit naar het fantastische lichaam van Marian en de vitrine van Vrouwkje. Maar dat is flauw, dat weet ik zelf ook wel. Hopelijk zijn we morgen minder flauw en blijft Hans Kesting weg.
Toen ik trouwens gisteren met Ernst een avond presenteerde in de vorm van een spraakwaterval, kwam er een jongen naar ons toe die zei: "Echt goed gevonden, man, om zo door elkaar heen te praten als presentatie. Want normaal hoor je alleen maar één iemand een saai verhaaltje vertellen...(toen keek ik hem aan en dacht 'hij gaat het écht zeggen! En ja:)...en nu waren het er twee.
Marian Boyer (Fantastisch lichaam, Het engelentransport), Vrouwkje Tuinman (Grote acht, Vitrine), Mustapha Ayned (De schaduw van de pijn, zanger en theatermaker van o.a. Taxista, Waf), Cathelijn Schilder (De Eenling), Bart und Ernst (dichtersduo, Nietteraere Avonden Parade 2005), Arthur Wevers (Orgaanvlees.org) en Asis Aynan (Contrast).
Ik kijk speciaal uit naar het fantastische lichaam van Marian en de vitrine van Vrouwkje. Maar dat is flauw, dat weet ik zelf ook wel. Hopelijk zijn we morgen minder flauw en blijft Hans Kesting weg.
Toen ik trouwens gisteren met Ernst een avond presenteerde in de vorm van een spraakwaterval, kwam er een jongen naar ons toe die zei: "Echt goed gevonden, man, om zo door elkaar heen te praten als presentatie. Want normaal hoor je alleen maar één iemand een saai verhaaltje vertellen...(toen keek ik hem aan en dacht 'hij gaat het écht zeggen! En ja:)...en nu waren het er twee.
zondag 13 november 2005
ELP
Toen ik gisteren de cd Works Volume 1 van Emerson Lake & Palmer wilde kopen, stond er een man naast me met twee cd's in zijn handen. In zijn linker hand had hij Emerson Lake & Palmer van de gelijknamige band en in zijn rechter hand had hij Tarkus, ook van Emerson Lake & Palmer.
Hij was duidelijk in dubio en legde de cd's, die trouwens beide slechts 7,99 kostte, een belachelijk lage prijs voor zulke cd's, weer terug op de stapel voordelige cd's. Ik daarentegen was er uit en begaf me naar de kassa.
Na een tijdje kwam de man terug en pakte opnieuw de zelfde cd's op om er nog eens zeer besluitloos naar te kijken. Toen hij opkeek om zo'n beetje schuin omhoog te kijken zoals nadenkende mensen dat altijd doen, keek ik recht in zijn gezicht en begon naar hem te lachen. Hij keek een beetje geschrokken terug alsof hij merkte dat ik hem door had (wat natuurlijk ook het geval was) en net voordat ik in mijn beste duits wilde zeggen dat ze allebei erg goed zijn keek hij snel de andere kant op, legde de cd's weer terug en liep weg.
Oh nee! dacht ik. Wat heb ik gedaan? Nu koopt hij ze allebei niet, terwijl hij er uit zag als iemand die deze twee cd's wel zou kunnen waarderen. Misschien kan ik ze voor hem kopen. Ik bedoel, ik zou best 7,99 willen uitgeven om een onbekende man Tarkus te kunnen geven. Maar ja, nu was hij weg.
Normaal zoek ik niet zo snel oogcontact met onbekende mensen en nu had ik ook al gelijk weer spijt dat ik het gedaan had. Ik wilde de man alleen maar duidelijk maken dat ik de cd's die hij in zijn handen had erg goed vond. Het was een beetje een oudere man geweest. Misschien had hij ze zelfs wel een keer live gezien. Waarschijnlijk vondt hij ze toendertijd ook erg goed, maar had hij niet genoeg geld om hun platen te kopen. Iets wat hij al zijn hele leven wilde doen, maar het kwam er maar niet van. En nu lagen ze hier. 7,99 per stuk. Zou hij het nog steeds zo leuk vinden?
Ik was bijna aan de beurt om mijn cd af te reken toen het gebeurde. De man dook op uit de verte van mijn ooghoek, snelde zich langs de stapel voordelige cd's, griste Tarkus van de stapel en haastte zich naar de andere kant van de winkel om daar aan te sluiten in de rij voor de andere kassa.
Was het ons toch nog gelukt.
Hij was duidelijk in dubio en legde de cd's, die trouwens beide slechts 7,99 kostte, een belachelijk lage prijs voor zulke cd's, weer terug op de stapel voordelige cd's. Ik daarentegen was er uit en begaf me naar de kassa.
Na een tijdje kwam de man terug en pakte opnieuw de zelfde cd's op om er nog eens zeer besluitloos naar te kijken. Toen hij opkeek om zo'n beetje schuin omhoog te kijken zoals nadenkende mensen dat altijd doen, keek ik recht in zijn gezicht en begon naar hem te lachen. Hij keek een beetje geschrokken terug alsof hij merkte dat ik hem door had (wat natuurlijk ook het geval was) en net voordat ik in mijn beste duits wilde zeggen dat ze allebei erg goed zijn keek hij snel de andere kant op, legde de cd's weer terug en liep weg.
Oh nee! dacht ik. Wat heb ik gedaan? Nu koopt hij ze allebei niet, terwijl hij er uit zag als iemand die deze twee cd's wel zou kunnen waarderen. Misschien kan ik ze voor hem kopen. Ik bedoel, ik zou best 7,99 willen uitgeven om een onbekende man Tarkus te kunnen geven. Maar ja, nu was hij weg.
Normaal zoek ik niet zo snel oogcontact met onbekende mensen en nu had ik ook al gelijk weer spijt dat ik het gedaan had. Ik wilde de man alleen maar duidelijk maken dat ik de cd's die hij in zijn handen had erg goed vond. Het was een beetje een oudere man geweest. Misschien had hij ze zelfs wel een keer live gezien. Waarschijnlijk vondt hij ze toendertijd ook erg goed, maar had hij niet genoeg geld om hun platen te kopen. Iets wat hij al zijn hele leven wilde doen, maar het kwam er maar niet van. En nu lagen ze hier. 7,99 per stuk. Zou hij het nog steeds zo leuk vinden?
Ik was bijna aan de beurt om mijn cd af te reken toen het gebeurde. De man dook op uit de verte van mijn ooghoek, snelde zich langs de stapel voordelige cd's, griste Tarkus van de stapel en haastte zich naar de andere kant van de winkel om daar aan te sluiten in de rij voor de andere kassa.
Was het ons toch nog gelukt.
vrijdag 11 november 2005
TITEL VAN DE POST
Wat interresseren ons de lezers nou Simmie.
6/18/2005, de post die ik op die dag schreef, dat jij daarop reageert, daar wacht ik op.
Trouwens, het weerbericht uit Spanje: het spant er nog om of het zal hagelen of schuimen.
6/18/2005, de post die ik op die dag schreef, dat jij daarop reageert, daar wacht ik op.
Trouwens, het weerbericht uit Spanje: het spant er nog om of het zal hagelen of schuimen.
woensdag 9 november 2005
TIJDFOUTEN (ik komde altijdt te laadt)
Voor degenen onder u die zich nog steeds het hoofd, de nek, danwel de bek breken op/over de vreemde spelwijze van De Professius wil ik u graag wijzen op zijn verklaring voor bijvoorbeeld het gebruik van DT in de verleden tijdt. Dit is namelijk niet de verleden maar de zogenaamde 'vergeten tijd'. In zijn eigen woorden:
Nieuw in de Nederlandse taal:
De vergeten tijd!
Kijken keek gekeken gekeken?
Veel neerlandica zeggen zich niks te herinneren, maar Professius T Taal belooft u: Gebruik de vergeten tijd in uw taalgebruik en vervlogen tijden zullen ten horizonnen (alsof er meerdere zijn) opdoemen!
Ik mijzelve kon me zelfs weer herinneren waar de T in mijn naam voor stront (typ-fout die ik liet staan omdat ik er om moest lachen (hahaha)).
En dan heb ik het natuurlijk nog niet eens over de eerste regel van ons manifest, die luit: "ALLES WAT DE BUBBELEBIM DOET HEBBEN ZIJ ZO BEDOELDT".
Nieuw in de Nederlandse taal:
De vergeten tijd!
Kijken keek gekeken gekeken?
Veel neerlandica zeggen zich niks te herinneren, maar Professius T Taal belooft u: Gebruik de vergeten tijd in uw taalgebruik en vervlogen tijden zullen ten horizonnen (alsof er meerdere zijn) opdoemen!
Ik mijzelve kon me zelfs weer herinneren waar de T in mijn naam voor stront (typ-fout die ik liet staan omdat ik er om moest lachen (hahaha)).
En dan heb ik het natuurlijk nog niet eens over de eerste regel van ons manifest, die luit: "ALLES WAT DE BUBBELEBIM DOET HEBBEN ZIJ ZO BEDOELDT".
vrijdag 4 november 2005
LINEA RECTA
Antwoord op een tekst van Ernst Walgenbach | 08 December 2004 | 14:57:01
EW: Zijn blik vloog de wereld weer in. Een microseconde was hij die uit het oog verloren.
Volledig verdwaald kwam hij tot het inzicht dat de voorstelling van zijn leven illusie noch realiteit kende, dat de lijn tussen deze twee begrippen niet het probleem vormde,
maar de oplossing.
Met goede moed zette hij zijn tred voort en verloor zijn identiteit zonder te sterven.
PTT: Snel schonk hij zichzelf een cola in en dacht na: 'Alcohol is een metafoor voor de illusie, thee is een metafoor voor de realiteit. Cola is een metafoor voor de vergankelijkheid. Waarom hebben die drie toch altijd ruzie?'
Ergens in zijn gedachte vondt hij uit dat die ruzie niet het probleem vormde,
maar de oplossing.
Met goede moed zette hij zijn tred voort en verloor zijn identiteit zonder te sterven.
EW: Zijn blik vloog de wereld weer in. Een microseconde was hij die uit het oog verloren.
Volledig verdwaald kwam hij tot het inzicht dat de voorstelling van zijn leven illusie noch realiteit kende, dat de lijn tussen deze twee begrippen niet het probleem vormde,
maar de oplossing.
Met goede moed zette hij zijn tred voort en verloor zijn identiteit zonder te sterven.
PTT: Snel schonk hij zichzelf een cola in en dacht na: 'Alcohol is een metafoor voor de illusie, thee is een metafoor voor de realiteit. Cola is een metafoor voor de vergankelijkheid. Waarom hebben die drie toch altijd ruzie?'
Ergens in zijn gedachte vondt hij uit dat die ruzie niet het probleem vormde,
maar de oplossing.
Met goede moed zette hij zijn tred voort en verloor zijn identiteit zonder te sterven.
PUUR ABSURDISME, DAT SNAPT NIEMAND
(DEEL 1) Uit angst daarvoor hou ik altijd iets estetisch, begrijpelijks of grappigs in mijn werk houden.
Wil ik dan iets zeggen? Nee, ik wil iets vragen. Ik wil vragen aan mensen om eens wat beter naar het absurdisme te kijken, want pas dan zullen ze merken dat het echt onbegrijpelijk is. Maar ja, dat is natuurlijk een beetje een rare vraag. “Met Frans Bauer?” “Ja hallo, met Professius, zeg Frans ik wilde je iets vragen...” Nee.
En daarom probeer ik de mensen die miijn werk lezen of zien hun onoverkomelijk lot van de lach te laten zien. Mensen moeten zich ongemakkelijk voelen. Zoals bij het lezen van de schrijffout in de eerste zin van dit verhaal en bij het woordje miijn. Ik ben dus een soort David Lynch van de humor.
(Werd vervolgd...)
(DEEL 2) Mensen moeten denken: Jezus, is het leven echt zo raar? "Nee, natuurlijk niet!" Zegt Jezus dan met een lach. "Maar om op een berg te komen moet je door een dal." En dat dal dat ben ik. Wees gerust, ik ben niet de duivel. Na het lezen van deze tekst zult u niet als een bezetene de straat op rennen en mensen beginnen te vermoorden. Dat zal u alledings niet doen. Onder geen geding. Absoluut niet. Nee, nee, nee. Maar wat zult u dan wel doen? Een theetje drinken? Naar een verjaardag? TV kijken? Gadverdamme, wat saai! Uw leven is saai! Saaiaaiaai! Uw leven is van geen betekenis, of wel soms? Heeft u eigenlijk niet zelfs nog meer zin in een verjaardag met veel gratis bier dan in een thee? Heeft u eigenlijk niet meer zin in de TV dan in die verjaardag? Heeft u eigenlijk niet meer zin om te slapen dan om TV te kijken? Bent u niet een verloren ziel? Bent u niet stiekem fan van Frans Bauer? Nee, natuurlijk bent u dat niet, want dat zou te absurd zijn. Dat zou niemand snappen. En u wilt juist begrepen worden. Aandacht wilt u. Wat? Tegen u? Nee, natuurlijk heb ik het niet tegen u, ik heb het tegen die mensen die buiten op straat lopen. U bent een goed mens, u werkt hard, u probeert eerlijk en positief te zijn, u bent een sterke ziel, u kunt verandering teweeg brengen, u kunt opstaan en de wereld helpen, u bent de held! Hoera, hoera! Maar.....maar....die mensen daar buiten snappen er helemaal niks van. Kijk ze nou eens moeilijk doen. Ze willen allemaal begrepen worden. Ze willen allemaal aandacht, maar u moet ze vermoorden. Ja! Met bloemen! Zou dat kunnen?
Ik probeer mensen te vangen tussen een lach en een inspiratie. Ze snappen iets niet, maar snappen ook dat het niet te snappen is en dan snappen ze het ineens. Ik knaaag aan het geweten van de mensen, maar laat tegelijkertijd duidelijk merken dat ze niet meteen op hoeven te staan. Ze moeten eerst naar hun geweten leren te luisteren in hun lievelingsstoel met een lach op hun gezicht en een thee op hun schoot. Ik ben dus een soort Noam Chomsky van de humor. En als je Noam Chomsky niet kent , loop je slechts twee dagen achter op mij. Ik leerde hem eergister kennen: verdomd interresante man.
(Wordt vervolgd...)
Wil ik dan iets zeggen? Nee, ik wil iets vragen. Ik wil vragen aan mensen om eens wat beter naar het absurdisme te kijken, want pas dan zullen ze merken dat het echt onbegrijpelijk is. Maar ja, dat is natuurlijk een beetje een rare vraag. “Met Frans Bauer?” “Ja hallo, met Professius, zeg Frans ik wilde je iets vragen...” Nee.
En daarom probeer ik de mensen die miijn werk lezen of zien hun onoverkomelijk lot van de lach te laten zien. Mensen moeten zich ongemakkelijk voelen. Zoals bij het lezen van de schrijffout in de eerste zin van dit verhaal en bij het woordje miijn. Ik ben dus een soort David Lynch van de humor.
(Werd vervolgd...)
(DEEL 2) Mensen moeten denken: Jezus, is het leven echt zo raar? "Nee, natuurlijk niet!" Zegt Jezus dan met een lach. "Maar om op een berg te komen moet je door een dal." En dat dal dat ben ik. Wees gerust, ik ben niet de duivel. Na het lezen van deze tekst zult u niet als een bezetene de straat op rennen en mensen beginnen te vermoorden. Dat zal u alledings niet doen. Onder geen geding. Absoluut niet. Nee, nee, nee. Maar wat zult u dan wel doen? Een theetje drinken? Naar een verjaardag? TV kijken? Gadverdamme, wat saai! Uw leven is saai! Saaiaaiaai! Uw leven is van geen betekenis, of wel soms? Heeft u eigenlijk niet zelfs nog meer zin in een verjaardag met veel gratis bier dan in een thee? Heeft u eigenlijk niet meer zin in de TV dan in die verjaardag? Heeft u eigenlijk niet meer zin om te slapen dan om TV te kijken? Bent u niet een verloren ziel? Bent u niet stiekem fan van Frans Bauer? Nee, natuurlijk bent u dat niet, want dat zou te absurd zijn. Dat zou niemand snappen. En u wilt juist begrepen worden. Aandacht wilt u. Wat? Tegen u? Nee, natuurlijk heb ik het niet tegen u, ik heb het tegen die mensen die buiten op straat lopen. U bent een goed mens, u werkt hard, u probeert eerlijk en positief te zijn, u bent een sterke ziel, u kunt verandering teweeg brengen, u kunt opstaan en de wereld helpen, u bent de held! Hoera, hoera! Maar.....maar....die mensen daar buiten snappen er helemaal niks van. Kijk ze nou eens moeilijk doen. Ze willen allemaal begrepen worden. Ze willen allemaal aandacht, maar u moet ze vermoorden. Ja! Met bloemen! Zou dat kunnen?
Ik probeer mensen te vangen tussen een lach en een inspiratie. Ze snappen iets niet, maar snappen ook dat het niet te snappen is en dan snappen ze het ineens. Ik knaaag aan het geweten van de mensen, maar laat tegelijkertijd duidelijk merken dat ze niet meteen op hoeven te staan. Ze moeten eerst naar hun geweten leren te luisteren in hun lievelingsstoel met een lach op hun gezicht en een thee op hun schoot. Ik ben dus een soort Noam Chomsky van de humor. En als je Noam Chomsky niet kent , loop je slechts twee dagen achter op mij. Ik leerde hem eergister kennen: verdomd interresante man.
(Wordt vervolgd...)
NOU JA #3
Maar wacht even, maat. Volgens mij hebben we het nu allebij over een ander blokje. In mijn vorige hoestbui had ik het over het koude blokje. En in die oude post over m'n oma en jei ging het over het warme blokje.
Het koude blokje moeten we, zoals ik in mijn vorige kotsneiging met een of andere beste man inderdaad eens ben, goed in aanschouw nemen (En dan bedoel ik niet dat café) zodat het, naarmate de tijd groeit en de appels verder van de bomen vallen, uiteindelijk zal smelten in de warmte zoals je die kent van je moeder.
En het warme blokje moet je aan iedereen, ja zelfs Hans, laten zien alsof het de normaalste zaak van de wereld is (zoiets als poepen)
Snapé vous?
Bjen!
Salút aan je fuut.
PTT
Het koude blokje moeten we, zoals ik in mijn vorige kotsneiging met een of andere beste man inderdaad eens ben, goed in aanschouw nemen (En dan bedoel ik niet dat café) zodat het, naarmate de tijd groeit en de appels verder van de bomen vallen, uiteindelijk zal smelten in de warmte zoals je die kent van je moeder.
En het warme blokje moet je aan iedereen, ja zelfs Hans, laten zien alsof het de normaalste zaak van de wereld is (zoiets als poepen)
Snapé vous?
Bjen!
Salút aan je fuut.
PTT
woensdag 26 oktober 2005
NOU JA #2
Het lijkt me dat je het dus juist met hem eens bent. Ik heb het stuk niet gelezen natuurlijk. Wat ik uit jouw woorden opmaak is dat deze meneer óók denkt dat het sowieso (en dat is de enige correcte spelling, maar ja daar heb jij natuurlijk schijt aan) niet past. En dat we daarom lijden (en aan het verschil tussen de lange of korte ei/ij/y heb jij al helemaal scheidt schynbaar!). Ik kan me er deels wel in vinden. Niet in mijn blokje natuurlijk, maar in de theorie. Het stemt ook mooi overeen met jouw eigen theorie over het blokje dat je aan het begin van je leven krijgt. (Of kreigt, als je het op jouw manier zegt) Alleen, zoals ik toen al stelde is het natuurlijk te simpel gesteld en moet men volgens dit pisang(*) juist uit het blokje breken. Je wordt dus eerst opgebouwd om jezelf daarna weer te moeten afbreken (tot de schijt ons dood). Maar zeg, wat een opstandighijd! Wat ben jij een relteiger geworden! Langzaamaan nemen we elkaars rollen over, Beethoven!
Dan nog dit: Een Drollenoverall. Is dat nu een overall gemaakt van drollen, een overall met een drollenvanger-model, of gewoon een stinkend broekpak? Een woord, in ieder geval, om toe te voegen aan de BUBBELEBIM-mythologie.
En, herinner me eraan dat ik de mensen ooit nog uitleg over mijn theorie dat "tijger" eigenlijk een getal is. Of nee, dat was een theorie van de glijmajoor. Nog zoiets.
(*) = 'dit pisang' betekent 'deze persoon'. Uit Clarissa La Lui
Dan nog dit: Een Drollenoverall. Is dat nu een overall gemaakt van drollen, een overall met een drollenvanger-model, of gewoon een stinkend broekpak? Een woord, in ieder geval, om toe te voegen aan de BUBBELEBIM-mythologie.
En, herinner me eraan dat ik de mensen ooit nog uitleg over mijn theorie dat "tijger" eigenlijk een getal is. Of nee, dat was een theorie van de glijmajoor. Nog zoiets.
(*) = 'dit pisang' betekent 'deze persoon'. Uit Clarissa La Lui
NOU JA!
Wat ik nou vanochtend weer las: "Het menselijk ego bestaat eigenlijk helemaal niet!" Het blijkt allemaal een grap te zijn. We worden dus klaarblijkelijk door iedereen om ons heen zo beinvloed dat we mooi in de maatschappij passen. Zoals een ijsblokje in een ijsblokjeshouder. En omdat we zo graag in een ijsblokjeshouder willen passen bevriezen we uiteindelijk en kunnen we geen kant meer op! Belachelijk! Zo koud is het toch helemaal niet? En volgens de beste man die dit stukje tekst had geschreven, dat wat ik dus vanmorgen las, kunnen we niet zomaar ontdooien door te zeggen "Nu ontdooi ik". Nee, we moeten inzien dat al ons leiden niet komt omdat we niet precies in een ijsblokjeshouder passen, maar omdat we erin willen passen! Maar dan denk ik, en dat klinkt misschien een beetje stom, 'dan past het toch zoiezo niet?' Maar ja, hij zei dus ook nog dat als je dan niet meer je ego volgt, je niet meer vasthoudt aan die plastic bloem, dat je dan in een soort chaos periode komt ofzo en dat leek me wel tof, dus van nu af aan doe ik niet meer wat andere mensen mij zeggen, luister ik zoiezo naar niemand meer en hou ik al helemaal geen rekening meer met ze. Schijt aan de ijsblokjeshouder!
PTT
PTT
woensdag 19 oktober 2005
DE BELGEN
Neen, dan de Belgen. Zo werd ik vandaag geconfronteerd met de namen: Jutta Borms en Fonny De Wulf. Ik bedoel: FONNY DE WULF, dat verzin je niet. Fonny de Wulf. Fonny. De Wulf. Fonnyfonnyfonnyfonnyfonny. De Wúlf. Wulf. Wulfwulfwulf.
"Ladies and gentlemen...Fonnyyyyy...de Wulf."
"Het acht uur journaal, met...Fonny De Wulf."
"En dan nog het weer, Fonny..."
"Ladies and gentlemen...Fonnyyyyy...de Wulf."
"Het acht uur journaal, met...Fonny De Wulf."
"En dan nog het weer, Fonny..."
woensdag 5 oktober 2005
OF HET HIER LEKKER WEER IS?
De zonnebijtjes vliegen om mijn fris gewassen oren
Het meisje van mijn dromen snijdt mijn haren af
Ze laat ze met een diepe zucht op de bodem vallen
Rustig blaast de warme herfstwind ze opzij
Het meisje van mijn dromen snijdt mijn haren af
Ze laat ze met een diepe zucht op de bodem vallen
Rustig blaast de warme herfstwind ze opzij
maandag 26 september 2005
AAN DE TAALPROVISOR VAN BERLIJN.
Lieve Professius,
is het weer lekker in Berlijn? Het zoeken naar de zin van de onzin gaat hier almaar voort. Al weet ik nog steeds niet precies hoe men 'hooiberg' spelt. Mijn laatste ribben zijn geteld. Ik ben lichamelijk voltooid en kan beginnen met de wederafbraak. Armen zonder benen, rijken zonder hoofden, kippen zonder kop. Ben soms kapot, maar vaker verliefd. Binnenkort heb ik afgesproken met de bedenker van de beste mop ter wereld. Om die te begrijpen zul je eerst drie nachten niet moeten slapen. Ik maar één, maar ik drink. Wanneer ik vermoed dat je er klaar voor bent zal ik je hem vertellen. Het beste werkt hij wanneer de verteller in eenzelfde staat van ontvankelijkheid verkeert. Maar als je hem eenmaal voelt blijf je een heel dagdeel lachen. Wel kan ik alvast het eerste deel vertellen: Het is warm en het vliegt...
Ik vroeg me met betrekking tot onszelf af: Vluchten wij in humor, of vlucht de humor in ons? Kun jij daar eens een loopje mee nemen? (Een loopje met iemand nemen = liegen dat je verkering met iemand wilt om diegene in bed te krijgen)
Je Beestachtige Leugenaar,
Greffold van Vermheere de Boetiljon (heeft een blauwe hoed gekocht)
is het weer lekker in Berlijn? Het zoeken naar de zin van de onzin gaat hier almaar voort. Al weet ik nog steeds niet precies hoe men 'hooiberg' spelt. Mijn laatste ribben zijn geteld. Ik ben lichamelijk voltooid en kan beginnen met de wederafbraak. Armen zonder benen, rijken zonder hoofden, kippen zonder kop. Ben soms kapot, maar vaker verliefd. Binnenkort heb ik afgesproken met de bedenker van de beste mop ter wereld. Om die te begrijpen zul je eerst drie nachten niet moeten slapen. Ik maar één, maar ik drink. Wanneer ik vermoed dat je er klaar voor bent zal ik je hem vertellen. Het beste werkt hij wanneer de verteller in eenzelfde staat van ontvankelijkheid verkeert. Maar als je hem eenmaal voelt blijf je een heel dagdeel lachen. Wel kan ik alvast het eerste deel vertellen: Het is warm en het vliegt...
Ik vroeg me met betrekking tot onszelf af: Vluchten wij in humor, of vlucht de humor in ons? Kun jij daar eens een loopje mee nemen? (Een loopje met iemand nemen = liegen dat je verkering met iemand wilt om diegene in bed te krijgen)
Je Beestachtige Leugenaar,
Greffold van Vermheere de Boetiljon (heeft een blauwe hoed gekocht)
maandag 12 september 2005
VOOR PROF
PTT: Echt! Hij was het echt! Hans! Jongen! Eh..meneer! Wacht, eh..hallo! He! Hans.
H K: Hallo?
PTT: Eh...mag ik je handtekening?
(Als schrijver heb je natuurlijk altijd pen en papier bij de hand)
H K: Ja, tuurlijk. Hoe heet je?
PTT: Eh...Professius.
H K: ?
PTT: Ja, nee, dat, ik ben een duo met schrijven dus. En we hebben het altijd over je! Ja!
H K: Oh, wat leuk!
Vriend van H K: Hans, ik ga vast verder.
PTT: Ja, dat kwam zomaar een keer toen kwam je naam in me op. En je hebt aids toch?
H K: Sorry?
PTT: Ja, sorry.
(Hierop geeft Hans m'n pen en papier weer terug)
H K: Hallo?
PTT: Eh...mag ik je handtekening?
(Als schrijver heb je natuurlijk altijd pen en papier bij de hand)
H K: Ja, tuurlijk. Hoe heet je?
PTT: Eh...Professius.
H K: ?
PTT: Ja, nee, dat, ik ben een duo met schrijven dus. En we hebben het altijd over je! Ja!
H K: Oh, wat leuk!
Vriend van H K: Hans, ik ga vast verder.
PTT: Ja, dat kwam zomaar een keer toen kwam je naam in me op. En je hebt aids toch?
H K: Sorry?
PTT: Ja, sorry.
(Hierop geeft Hans m'n pen en papier weer terug)
donderdag 8 september 2005
DE WAARHEID ALS WIND
Ik laat me achterover van een parterretrap afvallen, kom op mijn stuitje terecht en klaar en sta nog bovener aan dan tevoren. Mijn haar doe ik expres in de war en ik denk hardop aan de heilige horlepiep door tegen de wind in te neuriën. Ik zweef wankel, draai duizelingwekkend, ik schiet in verliefde wanhoop hogere speren door harten en zielen, lap zelfgestelde regels aan nooitgebruikte laarzen. Kus de skaai! Vergeeeeet ácht! En Professius raakt al bijna steeds meer zoek en verder kwijt. Al weet ik hem steeds dichter, ik ben genaderd tot zijn goedheid. Een heel klein stukje maar. In de Plato-werkelijkheid, die ik niet kan zien maar wel ruiken. Een wind heeft immers geen schaduw. Wanneer je de realiteit uit het oog dreigt te verliezen, laat een scheet en weet!
Abonneren op:
Posts (Atom)